top of page

MfN-mediationreglement

MfN-Mediationreglement

Artikel 1 - Definities

 

In dit reglement wordt verstaan onder:

 

a. kwestie: de in de mediationovereenkomst omschreven kwestie;

b. mediation: procedure waarbij de partijen zich inzetten om, onder begeleiding van een mediator, hun kwestie op te lossen met toepassing van het reglement;

c. mediationovereenkomst: de schriftelijke overeenkomst waarin de partijen afspreken zich in te spannen om de kwestie door mediation op te lossen en de mediator de opdracht verlenen om in de kwestie als mediator op te treden en de mediator deze opdracht aanvaardt;

d. mediator: degene die de mediation begeleidt en die staat ingeschreven in het MfN-register;

 

e. MfN: Mediatorsfederatie Nederland;

f. partij(en): de partij(en) die de kwestie door middel van mediation wenst/wensen op te lossen;

g. register: het MfN-register;

h. reglement: dit reglement.

Artikel 2 - Selectie mediator

2.1 De partijen wijzen zelf een mediator aan.

2.2 Als de Partijen hulp wensen bij de keuze van een mediator, kunnen zij of hun vertegenwoordigers een schriftelijke aanvraag daarvoor indienen bij MfN. De aanvraag bevat de namen, (e-mail)adressen,

telefoonnummers van de partijen en hun eventuele vertegenwoordigers, een globale omschrijving van

de kwestie en eventuele voorkeur voor een regio en/of profiel (denk aan: geslacht/beroepen/specialisatie) van de mediator.

2.3 Na ontvangst van de aanvraag zendt MfN een aantal (doorgaans drie of vijf) namen van mediators

aan de partijen die, gelet op de omschrijving van de kwestie of de door de partijen opgegeven

relevante criteria, in aanmerking komen.

2.4 De partijen maken uit bedoelde lijst een gezamenlijke keuze voor een mediator. Zij kunnen

rechtstreeks contact met de mediator opnemen.

2.5 Komen de partijen niet tot een gezamenlijke keuze, dan kunnen zij, dan wel hun vertegenwoordiger(s) MfN (gezamenlijk) verzoeken een schriftelijk voorstel te doen voor (aanwijzing van) een mediator. MfN informeert de partijen en de (aangewezen) mediator over deze aanwijzing, zodat de mediator vervolgens contact kan opnemen met de partijen. Zij kunnen ook rechtstreeks contact met de mediator opnemen.

 

Artikel 3 – Aanvang mediation

De mediation vangt aan op de datum van ondertekening van de mediationovereenkomst, tenzij uitdrukkelijk schriftelijk een andere datum is overeengekomen.

Artikel 4 – Werkzaamheden mediator

4.1 De werkzaamheden van de mediator betreffen de begeleiding van het proces en de

mediationbijeenkomsten en kunnen daarnaast werkzaamheden omvatten als verslaglegging,

contacten met de partijen (schriftelijk of telefonisch), bestuderen van stukken, contacten met derden

en het opstellen van overeenkomsten.

4.2 De mediator bepaalt, na overleg met de partijen, de wijze waarop de mediation wordt gevoerd.

4.3 Het is de mediator toegestaan afzonderlijk en vertrouwelijk met de partijen te communiceren.

4.4 Als de Mediator dat wenst, kan hij zich tijdens de mediation secretarieel laten bijstaan door een

daartoe door hem aan te wijzen persoon.

4.5 De mediator en de partijen spannen zich ervoor in om de mediation voortvarend te laten verlopen.

Artikel 5 – Vrijwilligheid

5.1 De mediation vindt plaats op basis van vrijwilligheid van de partijen. Elke partij, en ook de mediator, kan zich op elk moment uit de mediation terugtrekken.

5.2 De partijen zijn niet gebonden aan stellingen en voorstellen die zij tijdens de mediation hebben ingenomen of gedaan.

5.3 Tussentijdse afspraken binden de partijen alleen voor zover zij die afspraken en het bindende karakter daarvan uitdrukkelijk vastleggen in een schriftelijke overeenkomst. Op die overeenkomst is artikel 10 van dit reglement van overeenkomstige toepassing.

Artikel 6 – Beslotenheid en vertegenwoordiging

6.1 Als andere personen dan de mediator en de partijen bij de mediation worden betrokken, is toestemming van de partijen vereist. De mediator draagt er zorg voor dat al die personen voor geheimhouding hebben getekend. Als de mediator zich secretarieel laat bijstaan, draagt hij er zorg voor dat ook die persoon heeft getekend voor geheimhouding.

6.2 Als een partij zich tijdens de mediation laat vertegenwoordigen, dient de vertegenwoordiger bevoegd te zijn om de (rechts)handelingen te verrichten die voor de mediation noodzakelijk zijn, waaronder het aangaan van een overeenkomst als bedoeld in de artikelen 5.3 en 10.1. Op verzoek van de mediator dient een schriftelijke volmacht te worden getoond waaruit de bevoegdheid van de vertegenwoordiger blijkt.

Artikel 7 – Geheimhouding

7.1 De partijen doen aan derden - onder wie rechters of arbiters - geen mededelingen over het verloop en de inhoud van de mediation, waaronder begrepen de gedragingen van de bij de mediation betrokken personen, de door hen ingenomen standpunten, gedane voorstellen, genoemde belangen en de daarbij mondeling of schriftelijk, direct of indirect, verstrekte informatie.

 

7.2 De partijen verbinden zich om geen stukken aan derden - onder wie rechters of arbiters - bekend te maken, te citeren, aan te halen, te parafraseren of zich daarop anderszins te beroepen, als deze stukken door een bij de mediation betrokkene tijdens of in verband met de mediation zijn geopenbaard, getoond, of anderszins bekend gemaakt. Deze verplichting geldt niet voor zover de desbetreffende betrokkene onafhankelijk van de mediation al over deze informatie beschikte of had kunnen beschikken.

7.3 Onder stukken als bedoeld in artikel 7.2 wordt mede verstaan:

- de mediationovereenkomst;

- aantekeningen van partijen of de mediator in het kader van de mediation;

- verslagen;

- geluids- en video-opnamen, foto’s en digitale bestanden in welke vorm dan ook;

 

- de vaststellingsovereenkomst of het andere afsprakendocument, met inachtneming van het bepaalde in artikel 10.3.

7.4 De artikelen 7.1, 7.2 en 7.3 gelden ook voor de mediator.

7.5 Tijdens de mediation is het niet toegestaan geluids- of video-opnamen op welke wijze dan ook te maken van het gesprek of de gesprekken die in het kader van de mediation plaatsvinden, tenzij de partijen en de mediator uitdrukkelijk anders overeenkomen. Als in strijd hiermee geluids- of video-opnamen worden gemaakt vallen deze ook onder de geheimhouding als bedoeld in dit artikel. Ook mogen deze niet worden gebruikt in klacht-, tuchtrechtelijke of andere procedures.

7.6 De partijen doen afstand van het recht om, in rechte of anderszins, wat tijdens de mediation is verstrekt of naar voren is gekomen:

 

- als bewijs tegen elkaar aan te voeren;

 

- elkaar, de mediator of andere bij de mediation betrokkenen, als getuige of anderszins te horen of te doen horen over informatie die is verstrekt of naar voren is gekomen tijdens of in verband met de mediation, dan wel over de inhoud van de overeenkomst als bedoeld in de artikelen 5.3 en 10.1, alles in de ruimste zin van het woord.

Het bepaalde in dit artikel geldt ook voor MfN, bij MfN werkzame of anderszins bij MfN betrokken

personen.

7.7 De mediator behandelt alle informatie die hem door een van de partijen buiten aanwezigheid van de andere partij(en) wordt verstrekt, ook ten opzichte van die andere partij(en) vertrouwelijk. Dit geldt niet voor zover de desbetreffende partij uitdrukkelijk toestemming verleent om die informatie tijdens de mediation in te brengen.

7.8 Het bepaalde in de artikelen 7.1 t/m 7.4 en de artikelen 7.6 en 7.7 geldt niet in het geval van:

a. informatie over strafrechtelijke gedragingen waarvoor een wettelijke meldplicht dan wel een wettelijk meldrecht bestaat;

b. informatie over de dreiging of het plaatsvinden van een misdrijf;

c. een klacht-, tucht- of aansprakelijkheidsprocedure tegen de mediator. In dat geval is de mediator ontslagen uit de voor hem geldende geheimhoudingsplicht voor zover nodig om zichzelf tegen de klacht of de vorderingen te kunnen verweren of een beroep te kunnen doen op zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekering. De geheimhoudingsplicht vervalt voor alle betrokkenen voor zover nodig om de klacht of die vorderingen of dat beroep op de beroepsaansprakelijkheidsverzekering te kunnen behandelen;

d. een klacht-, tucht- of aansprakelijkheidsprocedure tegen een beroepsbeoefenaar die betrokken was of is bij de mediation en zelf onderworpen is aan eigen tuchtrecht. In dat geval is die beroepsbeoefenaar ontslagen uit de voor hem geldende geheimhoudingsplicht voor zover nodig om zichzelf tegen de klacht of de vorderingen te kunnen verweren of een beroep te kunnen doen op zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekering. De geheimhoudingsplicht vervalt voor alle bij de mediation betrokkenen voor zover nodig om die klacht of die vorderingen of dat beroep op de beroepsaansprakelijkheidsverzekering te kunnen behandelen;

 

e. een verzoek van een door MfN aangestelde peer reviewer aan de mediator om informatie over te leggen over de praktijkvoering als de peer reviewer zich schriftelijk verbindt tot geheimhouding.

Artikel 8 – Einde mediation

8.1 De mediation eindigt door:

 

a. het definitief worden van een door de partijen getekende vaststellingsovereenkomst of een ander afsprakendocument; of

b. mondelinge overeenstemming tussen de partijen over de afronding van de mediation; of

c. een schriftelijke verklaring van een partij aan de andere partij(en) en de mediator dat hij zich uit

de mediation terugtrekt; of

d. een schriftelijke verklaring van de mediator aan de partijen dat hij zich uit de mediation

terugtrekt.

8.2 In alle gevallen bevestigt de mediator het einde van de mediation onder vermelding van de einddatum door middel van een neutraal, schriftelijk eindbericht aan de partijen. Dit eindbericht van de mediator valt, anders dan de verklaringen bedoeld in art. 8.1 onder c en d, niet onder de geheimhouding als bedoeld in artikel 7.

8.3 Na het einde van de mediation blijven de geheimhoudings- en betalingsverplichtingen van de partijen onder de mediationovereenkomst van kracht.

Artikel 9 – Andere procedures

 

9.1 Eventuele bij de aanvang van de mediation al aanhangige gerechtelijke, of aanverwante procedures over de kwestie of onderdelen daarvan - met uitzondering van maatregelen ter bewaring van rechten - worden door de partijen opgeschort voor de duur van de mediation.

 

9.2 De partijen zullen gedurende de duur van de mediation tegen elkaar geen procedures als bedoeld in artikel 9.1 aanhangig maken, met uitzondering van maatregelen ter bewaring van rechten.

 

9.3 Als een partij een maatregel ter bewaring van rechten neemt, of een andere procedure als bedoeld in artikel 9.1 aanhangig maakt, is hij verplicht daarvan binnen 24 uur na het nemen, respectievelijk

aanhangig maken ervan, mededeling te doen aan de mediator en de andere partij(en).

Artikel 10 - Vastlegging van het resultaat van de mediation

10.1 De mediator draagt er zorg voor, als de partijen dat wensen, dat wat zij zijn overeengekomen deugdelijk wordt vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst of ander afsprakendocument zoals bedoeld in artikel 8.1 onder a (hierna gezamenlijk: de ‘overeenkomst’). De partijen kunnen zich bij de opstelling hiervan door een deskundige derde laten adviseren onder de voorwaarde dat deze deskundige een geheimhoudingsverklaring heeft getekend. Voor de inhoud van de overeenkomst zijn en blijven de partijen zelf verantwoordelijk.

10.2 De mediator is niet aansprakelijk voor de inhoud van de overeenkomst en de eventueel daaruit voortvloeiende schade.

10.3 De partijen bepalen gezamenlijk en op schrift in hoeverre (de inhoud van) de overeenkomst vertrouwelijk is. Voor zover zij dit niet bepalen, is de overeenkomst vertrouwelijk en valt die onder de geheimhouding van de mediation zoals bedoeld in artikel 7. De inhoud van de overeenkomst mag wel aan de rechter worden voorgelegd indien en voor zover dat noodzakelijk is om nakoming daarvan te vorderen.

Artikel 11 - Beperking aansprakelijkheid

 

Iedere aansprakelijkheid van de Mediator, ingeval van schade als gevolg van zijn handelen of nalaten in of voorafgaand aan de Mediation, is beperkt tot ten hoogste het bedrag dat in de desbetreffende verzekeringsovereenkomst wordt uitgekeerd door zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar, vermeerderd met het bedrag van het eigen risico dat op grond van die verzekeringsovereenkomst in het betreffende geval voor rekening van de Mediator komt.

Artikel 12 – Gedragsregels en klachten

 

De mediator is gebonden aan de Gedragsregels voor de MfN-registermediator en onderworpen aan de klachtenregeling van het MfN-register en tuchtrecht volgens het Reglement Stichting Tuchtrechtspraak Mediators. Een partij kan binnen twaalf maanden na einddatum van de mediation bij MfN een klacht indienen in overeenkomst met de op dat moment van kracht zijnde Klachtenregeling MfN-register.

Artikel 13 - Niet voorziene gevallen

 

In de gevallen waarin het reglement niet voorziet, beslist de mediator. Hij handelt daarbij overeenkomstig de strekking van het reglement.

Artikel 14 - Wijziging van het reglement c.q. afwijken van het reglement

14.1 Als de partijen wensen af te wijken van het reglement kan dat alleen via een schriftelijke afspraak met de uitdrukkelijke instemming van de mediator.

14.2 MfN is altijd bevoegd het reglement te wijzigen. Dergelijke wijzigingen hebben geen effect op

mediations die op dat moment al worden gevoerd. Op die mediations is uitsluitend het reglement van

toepassing zoals dat bij de aanvang van die mediations van kracht was.

 

Artikel 15 - Toepasselijk recht

Nederlands recht is van toepassing op dit reglement, de mediationovereenkomst, de overeenkomst als bedoeld in artikel 5.3 en de overeenkomst.

bottom of page